Over deze site ∗ Casus oplossen in de praktijk

Casus oplossen in de praktijk

Een zaak oplossen in de praktijk

Ter indicatie hebben wij een aantal richtlijnen opgenomen voor het oplossen van casuïstiek. De methoden kunnen echter per onderwijsinstelling of docent verschillen. Bespreek de wijze van casus oplossen altijd met je docent indien je de opdrachten maakt in het kader van je opleiding.

1. Lees de casus en bepaal welke rechtsvragen een rol spelen

Evenals in de praktijk heb je via Selma een mail doorgestuurd gekregen met daarin twee informatiebronnen. De eerste is het oorspronkelijke bericht aan Selma en de tweede bron is de toevoeging van Selma. Beide informatiebronnen kunnen onvolledig zijn. Nader informatie kan altijd nodig zijn. Wees er alert op. Ook in de praktijk denken mensen (bij ons de oorspronkelijker afzenders van de mail aan Selma) eenvoudige vragen te stellen, die juist juridisch minder duidelijk of eenduidig zijn. Een opdracht als: ‘Jason zegt dat hij auteursrecht heeft. Dat is natuurlijk niet zo, maar dat kan jij vast beter opschrijven. Kan jij dat in een korte memo uiteenzetten?’ is voor de vragensteller nauwelijks een vraag, maar juridisch niet direct te beantwoorden. Gebruik daarbij altijd relevante bronnen.

2. Bepaal welke rechten en welke regels van toepassing zijn

Maak een selectie van de rechten die van toepassing kunnen zijn bij het beantwoorden van de gestelde vraag of vragen en vervolgens welke artikelen en jurisprudentie daarbij van belang zijn. Bedenk daarbij dat een vraag over bijvoorbeeld werkgeversauteursrecht ook elementen of aanknopingspunten kan bevatten die in het arbeidsrecht thuis horen, zoals het begrip ‘in dienst van een ander’ uit artikel 7 Auteurswet.

3. Analyseer en toets de rechtsregels

Toets de rechtsregels door de voorwaarden uit de artikelen te toetsen aan de jurisprudentie en literatuur. Vaak leiden de verschillende voorwaarden uit de wetsartikelen tot praktische vragen, zoals de vraag of je eigenlijk weet welk soort dienstverband (‘in dienst van een ander’) Jason heeft. En waar vind ik deze informatie?

4. Volledige beantwoording van de vragen

Om de vragen goed te beantwoorden moet je er zeker van zijn dat je de vraag goed hebt gelezen en alle voorwaarden hebt toegepast. Bovendien is het van belang of de oplossing aanvaardbaar is. Zijn alle opties overwogen?

5. Het schrijven van een juridisch advies (memo)

De beantwoording van de vragen is de eerste stap. Daarna moet er een samenhangend betoog worden geschreven dat past in de context. Stel dat Rudi bij Sandertoys iemand wil ontslaan. Wanneer jij juridisch hebt vastgesteld dat het juridisch mogelijk is zul je moeten bepalen of er verder factoren zijn waar je rekening mee moet houden. Is beleid, gelden er sociale normen (bedrijfscultuur), etc. Tegen die achtergrond schrijf jij je advies. In de praktijk zal dat bij korte vragen gewoon via de email zijn. Wanneer er meer gewicht aan de zaak wordt toegekend, bijvoorbeeld omdat de belangen groot zijn of dat het van belang is voor de toekomst dan zal er een memo worden geschreven.

Een korte memo dient (correct) geschreven te worden voor de ontvanger. Stel je daarbij de vraag of de ontvanger een jurist is of juist iemand die helemaal geen juridische kennis heeft. In het laatste geval wil diegene waarschijnlijk vraag en antwoord bij elkaar zien komen en is hij minder geïnteresseerd in de analyse. Een memo kan er dan als volgt uitzien:

1. Inleiding (inleiding met daarin een herhaling van gestelde vragen)

2. Feiten (op welke feiten danwel aannames is je analyse gebaseerd)

3. Conclusie (wat is concreet je advies met een hele korte toelichting)

4. Analyse
In de analyse geef je aan hoe je tot deze antwoorden bent gekomen, vaak onder verwijzing naar wetgeving (inclusief artikelen, jurisprudentie en literatuur. Een analyse volgt als laatste omdat opdrachtgevers (vaak niet-juristen) meer geïnteresseerd zijn in het antwoord op hun probleem, dan in de weg naar het antwoord. Die analyse kan echter wel van belang zijn voor de juristen die later met dit probleem worden geconfronteerd, zoals een bedrijfsjurist van een andere afdeling of advocaat bij het voorbereiden van een rechtszaak.